Fotografie is mijn passie. Elke dag ben ik bezig met fotografie. Naast het zelf fotograferen kijk ik ook graag naar het werk van anderen. In dit blog deel ik de onderwerpen waarover ik enthousiast ben, maar ook datgene waar ik me over verwonder. Of gewoon van die kleine dingen die je meemaakt.
zaterdag 9 juni 2012
Naar huis
Het komt niet zo veel voor. Drie stoelen op een rij in het vliegtuig voor mezelf. Na de start draai ik me een kwart slag en stop mijn jas achter de nek. De benen schuin over de twee lege stoelen naast me. De verleiding om de ogen dicht te knijpen is groot. Beneden glijdt Cannes onder me door. Bijna in alle tuinen ligt een zwembad. Azuurblauwe stippen in het groen. Al snel vliegen we over de toppen van de alpen, bedekt met eeuwige sneeuw (hoe eeuwig is eeuwige sneeuw?). Langzaam glijdt er een wolkendek tussen het landschap en het vliegtuig. Mijn oogleden worden zwaar. Ik slaap nooit in een vliegtuig, maar als ik mijn ogen weer open doe is mijn lege blikje bier en het plastic glas verdwenen.
dinsdag 24 april 2012
Nieuwe Tijden.
Afgelopen zondag was ik bij de opening van de overzichtstentoonstelling van de Engelse Magnum fotograaf Martin Parr in het gemeentemuseum van Helmond. Parr maakt zeer kleurrijke foto's van de wereld om ons heen. Geportretteerd worden door Martin Parr is niet automatisch een compliment. Met zijn observaties confronteert Parr ons met de absurditeiten van onze samenleving. Mensen die samen fysiek aan een tafel aan het eten zijn maar die geen contact met elkaar (lijken) te hebben. Toerisme in al haar oppervlakkigheid. Engelse badgasten in kleurrijke kitsch. Je wordt er niet vrolijk van als je de wereld bekijkt door de ogen van Martin Parr. Maar zoals hijzelf al een tegen Magnum oprichter Henri Cartier-Bresson zei: "Don't blaim the messenger". In de tentoonstelling zijn ook een aantal beelden opgenomen die Parr in Helmond heeft geschoten tijdens de afgelopen carnaval. Ik vind dit niet het sterkste onderdeel van de tentoonstelling maar aan de andere kant is het wel leuk om mensen die je kent te zien figureren op de foto's van een wereldberoemde fotograaf.
Tijdens de tentoonstelling raakte ik in gesprek met Andrea Holzherr (Exhibition Manager van Magnum). Ik vroeg haar of ze mijn idee deelde dat de fotografie het op dit moment moeilijk heeft. Dit is vooral interessant omdat Magnum in de jaren vijftig van de vorige eeuw juist is opgericht door een aantal vooraanstaande fotograferen die zich sterk maakten voor de emancipatie van de fotografie en daar ook een enorme bijdrage aan geleverd hebben. Andrea vertelde dat haar afdeling vroeger maar een kleine bijdrage leverde aan de omzet van Magnum. Verreweg het meeste geld werd verdiend met de verkoop van reportages aan kranten en magazines. Tegenwoordig komt er via dit laatste kanaal helemaal niets meer binnen en verdiend Magnum alleen nog geld met tentoonstellingen en de verkoop van foto's in het kunstcircuit. Als voorbeeld noemde ze het artikel in het Volkskrantmagazine van twee weken geleden. Daar zijn acht foto's geplaatst, de Volkskrant daar niets voor betaald. Als ze moesten betalen zouden ze niet plaatsen. Magnum heeft het belang van het gemeentemuseum laten prevaleren en is akkoord gegaan. Niet betaald worden voor het gebruik van fotografie van Magnumfotografen was een aantal jaren geleden ondenkbaar.
Andrea vertelde ook dat het vroeger heel gebruikelijk was dat serieuze magazines en kranten een aantal beeldredacteuren in dienst hadden. Deze deskundigheid is totaal verdwenen en hoewel beeld steeds belangrijker wordt in onze wereld, moet de conclusie zijn dat de deskundigheid over beeld steeds verder afneemt. Dus steeds meer ruimte voor de gratis flickr fotografie en steeds minder voor kwaliteitsfotografie.
Tijdens de tentoonstelling raakte ik in gesprek met Andrea Holzherr (Exhibition Manager van Magnum). Ik vroeg haar of ze mijn idee deelde dat de fotografie het op dit moment moeilijk heeft. Dit is vooral interessant omdat Magnum in de jaren vijftig van de vorige eeuw juist is opgericht door een aantal vooraanstaande fotograferen die zich sterk maakten voor de emancipatie van de fotografie en daar ook een enorme bijdrage aan geleverd hebben. Andrea vertelde dat haar afdeling vroeger maar een kleine bijdrage leverde aan de omzet van Magnum. Verreweg het meeste geld werd verdiend met de verkoop van reportages aan kranten en magazines. Tegenwoordig komt er via dit laatste kanaal helemaal niets meer binnen en verdiend Magnum alleen nog geld met tentoonstellingen en de verkoop van foto's in het kunstcircuit. Als voorbeeld noemde ze het artikel in het Volkskrantmagazine van twee weken geleden. Daar zijn acht foto's geplaatst, de Volkskrant daar niets voor betaald. Als ze moesten betalen zouden ze niet plaatsen. Magnum heeft het belang van het gemeentemuseum laten prevaleren en is akkoord gegaan. Niet betaald worden voor het gebruik van fotografie van Magnumfotografen was een aantal jaren geleden ondenkbaar.
Andrea vertelde ook dat het vroeger heel gebruikelijk was dat serieuze magazines en kranten een aantal beeldredacteuren in dienst hadden. Deze deskundigheid is totaal verdwenen en hoewel beeld steeds belangrijker wordt in onze wereld, moet de conclusie zijn dat de deskundigheid over beeld steeds verder afneemt. Dus steeds meer ruimte voor de gratis flickr fotografie en steeds minder voor kwaliteitsfotografie.
vrijdag 20 april 2012
Soms zit het mee. Soms zit...
Ik ben op tijd in het Pieter van den Hoogenband zwemstadion. Ruim voor het inzwemmen begint. Om te beginnen loop ik het bad maar eens rond. Een rondje langs de tribunes. Kijken bij het wedstrijdbad en het bad bij de duiktoren. Zie ik haar? Mijn snode plan is het om naast een aantal "gestolen" foto's te kijken of ik haar kan verleiden om 5 minuutjes voor me te poseren. Het barst van de zwemmers en zwemsters. Er wordt gestretcht en gemasseerd. Er worden baantjes gezwommen . Er wordt gepraat. Maar mijn potentiële model is nergens te bekennen. Ook de andere toppers zie ik nergens. Nu ben ik geen grote zwemexpert, en die badmutsen maken het er allemaal niet makkelijker op. Waar ik ook kijk hoe ik ook speur. Niets, Nada, Niks. De inzwemperiode verstrijkt en de wedstrijden beginnen. Dus op naar plan B. Ik heb gezien dat de zwemmers zich voor de wedstrijd opstellen en dan in een rij naar de startblokken lopen. Kijken of ik ze bij het opstellen kan fotograferen. Een wedstrijdcommissaris tikt op mijn schouder. Wegwezen! Protesteren heeft geen effect. Wegwezen! Naar je toegewezen ruimte. Daarmee vervalt ook plan 2b ; Haar kan fotograferen als ze uit het bad klimt.
Bij het oplopen gaat het al helemaal mis. Voordat ik haar heb gesignaleerd is ze al voorbij. Een paar foto's bij het startblok. Eigenlijk is dat te ver weg voor mijn 200mm. De start, vijftig meter onderwater en finishen. Sportfotografie is een specialisme maar niet de mijne Dan maar eens kijken of er wat te maken is bij het interview voor de NOS (Daar heeft ze wel tijd voor). Als ze daarmee klaar is grijp ik mijn kans. Heb je tijd voor een paar portretjes?"Ja"; zegt ze. "Als het maar snel is". Voor ik mijn camera op haar heb gericht is ze al weer weg. Klaar. Drie uur in het zwembad. Geen foto's. Ik ben er klaar mee. Dit is echt niet mijn ding. Weg hier. #@^^$$##. Stoom uit de oren.
donderdag 22 maart 2012
Tell me lies, Tell me sweet little lies.
Het Nu is een woord dat we vaak gebruiken. De tegenwoordige tijd. Maar als je de tegenwoordige tijd probeert te grijpen dan is het alweer voorbij. Gelukkig hebben we de fotografie. Met een fototoestel kunnen we het nu grijpen. En voor mij is dat ook de grote aantrekkingskracht van dit medium. Vandaar waarschijnlijk ook mijn grote liefde voor de documentaire fotografie.
In de VPRO gids van deze week staan er twee artikelen over fotografie achter elkaar. Het eerste gaat over Bertien van Manen. Zij vertelt hierin dat voor haar de essentie van haar foto's ligt in het erbij zijn. Dit stelt haar in staat om authentieke beelden te maken. Daarbij/daarom werkt ze ook nog met film dit dwingt haar om selectief te zijn en laat ruimte voor het toeval. Van Manen heeft op dit moment een expositie in FOAM en haar fotoboek 'Let's sit down before we go" ligt in de boekwinkels. Prachtig. Daarna is er pagina besteed aan Hans Aarsman. Hans was/is fotograaf maar gebruikt tegenwoordig het woord in geschreven of gesproken vorm om zijn licht over foto's te laten schijnen. Hij geeft daarin geen oordeel over de foto maar laat ons delen in alles wat hij in de foto ziet. Dit "bespreken" kun je regelmatig lezen in de Volkskrant. Voor hem is alle de inhoud belangrijk de esthetische aspecten beschouwd hij als overbodig. De zoektocht naar de puurheid van een foto. Zijn nieuwe boek heet "Ik zie, ik zie"
Helemaal opgetogen was ik begin dit jaar toen ik het nieuwe boek van Annie Leibovitz in de schappen van mijn boekhandel zag staan. "Pelgrimage". Leibovitz doet in dit boek fotografisch en met woord verslag van een aantal bezoeken aan plaatsen waar mensen die voor haar iconen zijn geleefd en gewerkt hebben. Natuurlijk gelijk gekocht. En als fotograaf eerst de plaatjes bekeken. Als je Leibovitz kent van haar foto's van artiesten en beroemdheden dan is dit heel wat anders. Het borduurt meer voort op haar "Photographers Live" boek en dan vooral het stuk waar ze ons laat delen in haar persoonlijk leven. Maar waar daar mensen nog in elke foto de hoofdrol spelen, is "pelgrimage" een boek waar geen mensen in staan afgebeeld. Alleen maar overblijfselen, relieken zo je wilt. Maar daardoor zo krachtig.
Annie verteld in dit boek onder andere over de slag om Gettysburg. En waarschuwt ons. Niets is wat het lijkt. De foto's die Alexander Gardner van deze slag maakte zijn geënsceneerd. De fotograaf arriveerde pas een paar dagen nadat de slag gestreden was. Er is gesleept met lijken en lijken zuidelijk soldaten zijn opgevoerd als lijken van noordelijke soldaten.
Ook toen er nog geen sprake was van digitaal werden misleid. Niet alles is wat het, lijkt dus hoed u voor de informatie die je denkt te halen uit een foto. Maar zoals Fleedwood Mac asl song; "Tell me lies. Tell me sweet little lies".
In de VPRO gids van deze week staan er twee artikelen over fotografie achter elkaar. Het eerste gaat over Bertien van Manen. Zij vertelt hierin dat voor haar de essentie van haar foto's ligt in het erbij zijn. Dit stelt haar in staat om authentieke beelden te maken. Daarbij/daarom werkt ze ook nog met film dit dwingt haar om selectief te zijn en laat ruimte voor het toeval. Van Manen heeft op dit moment een expositie in FOAM en haar fotoboek 'Let's sit down before we go" ligt in de boekwinkels. Prachtig. Daarna is er pagina besteed aan Hans Aarsman. Hans was/is fotograaf maar gebruikt tegenwoordig het woord in geschreven of gesproken vorm om zijn licht over foto's te laten schijnen. Hij geeft daarin geen oordeel over de foto maar laat ons delen in alles wat hij in de foto ziet. Dit "bespreken" kun je regelmatig lezen in de Volkskrant. Voor hem is alle de inhoud belangrijk de esthetische aspecten beschouwd hij als overbodig. De zoektocht naar de puurheid van een foto. Zijn nieuwe boek heet "Ik zie, ik zie"
Helemaal opgetogen was ik begin dit jaar toen ik het nieuwe boek van Annie Leibovitz in de schappen van mijn boekhandel zag staan. "Pelgrimage". Leibovitz doet in dit boek fotografisch en met woord verslag van een aantal bezoeken aan plaatsen waar mensen die voor haar iconen zijn geleefd en gewerkt hebben. Natuurlijk gelijk gekocht. En als fotograaf eerst de plaatjes bekeken. Als je Leibovitz kent van haar foto's van artiesten en beroemdheden dan is dit heel wat anders. Het borduurt meer voort op haar "Photographers Live" boek en dan vooral het stuk waar ze ons laat delen in haar persoonlijk leven. Maar waar daar mensen nog in elke foto de hoofdrol spelen, is "pelgrimage" een boek waar geen mensen in staan afgebeeld. Alleen maar overblijfselen, relieken zo je wilt. Maar daardoor zo krachtig.
Annie verteld in dit boek onder andere over de slag om Gettysburg. En waarschuwt ons. Niets is wat het lijkt. De foto's die Alexander Gardner van deze slag maakte zijn geënsceneerd. De fotograaf arriveerde pas een paar dagen nadat de slag gestreden was. Er is gesleept met lijken en lijken zuidelijk soldaten zijn opgevoerd als lijken van noordelijke soldaten.
Ook toen er nog geen sprake was van digitaal werden misleid. Niet alles is wat het, lijkt dus hoed u voor de informatie die je denkt te halen uit een foto. Maar zoals Fleedwood Mac asl song; "Tell me lies. Tell me sweet little lies".
woensdag 7 maart 2012
Kaders
De afgelopen week werd ik op twee totaal verschillende momenten herinnert of zo je wilt gewezen op de overeenkomsten en verschillen tussen schilderen en fotografie. Het eerste moment deed zich voor toen twee (verliefde) mensen mijn atelier binnen kwamen en vol belangstelling langs alle foto's liepen. Veel van wat deze twee tegen elkaar zeiden heb ik niet meegekregen. Maar het mannetje moest in zijn bals gedrag duidelijk laten weten aan het vrouwtje dat hij veel verstand van kunst had. Een zin die hij zei trok mijn aandacht. " Hoewel ik mij afvraag of het model hier echt loopt. Is in deze foto echt het moment gevangen. In de schilderkunst kan dit niet en moet je de essentie met de compositie, het licht en de kleuren uitdrukken".
Het tweede moment was zondagavond. Ik keek naar een kunstprogramma op Canvas. Daar vertelde de tekenaar Sieb Posthuma over een aantal kunstenaars en hun werk en welke invloed die op hem hadden. Hij had tegelijk met Rineke Dijkstra op de academie gezeten. De typische blikken die Rineke in haar modellen naar voren wist te halen en noemde dit unieke verworvenheid van de fotografie. Omdat dit medium zo verbonden is met het vastleggen van het moment.
Twee ingrediënten voor mijn denkproces. Toen ik een jaar of vijftien geleden nog cursussen fotografie gaf begon ik altijd met de definitie dat fotografie het kaderen van ruimte en tijd is. De romanticus in mij is altijd erg gecharmeerd geweest van die kadering. Het is een soort isoleren waardoor een nieuwe werkelijkheid ontstaat. Een werkelijkheid die zich vooral afspeelt in het hoofd van de beschouwer. Met de komst van Photoshop of soortgelijke programma's is er een nieuwe dimensie in de fotografie gekomen. Namelijk de vanzelfsprekendheid van de maakbaarheid van het beeld. (Natuurlijk bestanden er ook voor die tijd knappe retouchers, die mensen, kilo's en achtergronden konden laten verdwijnen en ook toen kon er in de doka gemonteerd worden). Maar nu is het vanzelfsprekend en zijn de mogelijkheden ook veel omvattender.
Niet langer is de realiteit van ruimte en tijd een beperking. We kunnen van alles in elkaar monteren en in Photoshop nieuwe elementen creëren die buiten het beeld nooit bestaan hebben.
Ik geloof dat de zin: "Dan doe je dat toch in Photoshop" in de top tien van meest tegen mij uitgesproken zinnen staat. Puistjes wegwerken is vanzelfsprekend, tien jaar jonger logisch en als tante Marlies niet bij de opname van de groepsfoto kan zijn dan shop er haar toch gewoon bij.
Fotografie gaat terug naar zijn oorsprong. De camera obscura diende om schilders een zo'n realistisch mogelijk beeld van de werkelijkheid te laten schilderen. Nu zie ik de prachtigste fotografische beelden die hun oorsprong grotendeels (of zelfs helemaal) in de computer zijn ontstaan.
Kortom het pallet van de fotograaf is groter geworden en de definitie zoals ik die tot voor kort hanteerde is achterhaald. Maar een nieuwe definitie zou ik nog niet weten te formuleren. Verwarrende tijden. Dus ook mooie tijden. Tijden om the pionieren. Tijden om om kijken naar de roots. Tijden waarbij je er niet van uit kunt gaan dat de foto een kadrering van de tijd is. Maar waar compositie, licht en kleur componenten zijn om je boodschap over het voetlicht te brengen.
Twee ingrediënten voor mijn denkproces. Toen ik een jaar of vijftien geleden nog cursussen fotografie gaf begon ik altijd met de definitie dat fotografie het kaderen van ruimte en tijd is. De romanticus in mij is altijd erg gecharmeerd geweest van die kadering. Het is een soort isoleren waardoor een nieuwe werkelijkheid ontstaat. Een werkelijkheid die zich vooral afspeelt in het hoofd van de beschouwer. Met de komst van Photoshop of soortgelijke programma's is er een nieuwe dimensie in de fotografie gekomen. Namelijk de vanzelfsprekendheid van de maakbaarheid van het beeld. (Natuurlijk bestanden er ook voor die tijd knappe retouchers, die mensen, kilo's en achtergronden konden laten verdwijnen en ook toen kon er in de doka gemonteerd worden). Maar nu is het vanzelfsprekend en zijn de mogelijkheden ook veel omvattender.
Niet langer is de realiteit van ruimte en tijd een beperking. We kunnen van alles in elkaar monteren en in Photoshop nieuwe elementen creëren die buiten het beeld nooit bestaan hebben.
Ik geloof dat de zin: "Dan doe je dat toch in Photoshop" in de top tien van meest tegen mij uitgesproken zinnen staat. Puistjes wegwerken is vanzelfsprekend, tien jaar jonger logisch en als tante Marlies niet bij de opname van de groepsfoto kan zijn dan shop er haar toch gewoon bij.
Fotografie gaat terug naar zijn oorsprong. De camera obscura diende om schilders een zo'n realistisch mogelijk beeld van de werkelijkheid te laten schilderen. Nu zie ik de prachtigste fotografische beelden die hun oorsprong grotendeels (of zelfs helemaal) in de computer zijn ontstaan.
Kortom het pallet van de fotograaf is groter geworden en de definitie zoals ik die tot voor kort hanteerde is achterhaald. Maar een nieuwe definitie zou ik nog niet weten te formuleren. Verwarrende tijden. Dus ook mooie tijden. Tijden om the pionieren. Tijden om om kijken naar de roots. Tijden waarbij je er niet van uit kunt gaan dat de foto een kadrering van de tijd is. Maar waar compositie, licht en kleur componenten zijn om je boodschap over het voetlicht te brengen.
vrijdag 2 maart 2012
Zeg maar ja.
Ruim vijftien jaar ben ik alweer in Helmond gevestigd. In die jaren heb ik al een heleboel trouwreportages gemaakt. En met die foto's heb ik ook al heel wat nominatie en prijzen binnen gehaald bij fotowedstrijden. Mijn passie voor fotografie hangt nauw samen met mijn diep gewortelde
interesse in mensen. Dus leek publieksfotografie mij een logische keuze.
Als ik toen ik nog op de fotovakschool zat, vertelde dat ik trouwreportages wilde maken, werd ik vaak meewarig aangekeken. Als je serieus met fotografie bezig wilde zijn dan was het maken van bruidsfoto's wel het laatste waar je je mee bezig moest houden. Het moest en moet ook gezegd worden als je naar de traditionele bruidsfoto's keek en kijkt je daar ook niet gelukkig van wordt. Elke plaats heeft zijn eigen traditionele bruidslocatie waar hele kuddes bruidsparen vastgelegd zijn. Allemaal bij dezelfde boom, op hetzelfde kleedje, met een andere fles (pseudo-)champagne.
Ik ben er in de loop van de jaren achter gekomen dat de essentie van trouwfoto's voor mij is, dat ze over de liefde moeten gaan. Dit lijkt een open deur, maar ik denk dat veel (bruids)fotografen denken dat trouwfoto's over fotografie gaan. Ik zie ze wel eens voor of na mijn bruidspaar op het stadhuis en bij de kerk. Druk regisserend hoe en wanneer de bruidegom uit mag stappen en aan welke hand de bruid moet lopen. Ik vraag me dan altijd af wiens dag dit nou eigenlijk is.
Ik hou meer van het registreren van de gebeurtenissen. De kleine en de grote momenten op deze bijzondere dag. Natuurlijk horen daar de geijkte momenten van het Jawoord en het omdoen van de ringen bij. Maar vooral al die kleine dingen die gebeuren die niet binnen het cliché vallen en die van iedere bruiloft weer een unieke gebeurtenis maken.
En de foto's in het park dan? Daar geldt in principe hetzelfde voor. De locaties kunnen met meer creativiteit uitgezocht worden, De poses kunnen moderner. Maar de relatie tussen het bruidspaar blijft de essentie en daar kan ik wel ruimte voor maken maar die kan ik niet voor hun invullen.
Ik denk dat dit maakt dat ik ook na vijftien jaar nog met plezier naar iedere bruidspaar toe ga om hun DAG vast te leggen.
Ik hou meer van het registreren van de gebeurtenissen. De kleine en de grote momenten op deze bijzondere dag. Natuurlijk horen daar de geijkte momenten van het Jawoord en het omdoen van de ringen bij. Maar vooral al die kleine dingen die gebeuren die niet binnen het cliché vallen en die van iedere bruiloft weer een unieke gebeurtenis maken.
En de foto's in het park dan? Daar geldt in principe hetzelfde voor. De locaties kunnen met meer creativiteit uitgezocht worden, De poses kunnen moderner. Maar de relatie tussen het bruidspaar blijft de essentie en daar kan ik wel ruimte voor maken maar die kan ik niet voor hun invullen.
Ik denk dat dit maakt dat ik ook na vijftien jaar nog met plezier naar iedere bruidspaar toe ga om hun DAG vast te leggen.
woensdag 29 februari 2012
Bindt
Een van de nadelen van het fotograferen voor klanten is dat je het resultaat soms lang onder de pet moet houden. Al je enthousiaste ervaringen kun je niet delen op je blog of via twitter want eerst moet de klant zijn brochure of magazine af hebben. Vanmorgen kwam een dol enthousiaste klant hun relatie magazine tonen. Eindelijk kunnen we de foto's die we voor dit magazine hebben gemaakt delen. Het leuke aan deze opdracht is, dat we er voor naar Londen geweest zijn. We hebben verschillende meer en minder bekende Nederlanders gefotografeerd. Allemaal mensen met een mooi verhaal. Een verhaal dat wij hebben mogen voorzien van mooie portretten.
Coen Swijnenberg ging op de foto een paar dagen voor hij het glazenhuis in ging. Ex staatssecretaris Stephan van Eijk was de verpersoonlijkking van gastvrijheid. Roland Koopman zit dagelijks dichtbij het nieuws over de financiële crisis en weet hier een goed verhaal over te vertellen. Maar allemaal namen ze de tijd om goed foto's te maken. Waarvoor dank.
Coen Swijnenberg ging op de foto een paar dagen voor hij het glazenhuis in ging. Ex staatssecretaris Stephan van Eijk was de verpersoonlijkking van gastvrijheid. Roland Koopman zit dagelijks dichtbij het nieuws over de financiële crisis en weet hier een goed verhaal over te vertellen. Maar allemaal namen ze de tijd om goed foto's te maken. Waarvoor dank.
Abonneren op:
Posts (Atom)

















































